In een onderzoek naar ervaringen met de mondzorg gaf tweederde van de ouders van kinderen met een verstandelijke beperking aan problemen te ondervinden bij de dagelijkse gebitsverzorging en 70% vond dat de mondhygiëne verbeterd kan worden bij kinderen met een verstandelijke beperking van 4-12 jaar.
De problemen die ouders / begeleding ondervinden met het kind zijn onder mer: hoofd wegdraaien, mond dichtdoen, bijten op de tandenborstel, ongedurig zijn en wegdraaien, met de tong de borstel wegduwen, overgevoeligheid van het mondgebied, voortdurend bloedend tandvlees, poetsen lijkt pijnlijk, verzet door hard te huilen, moeilijk poetsen aan de tongzijde, kokhalzen, strakke wangen en/of lippen, hysterisch gedrag en in de weg zitten van de lipband.
Naast problemen bij de dagelijkse mondverzorging is de medewerking aan tandheelkundige diagnostiek en behandeling in veel gevallen onvoldoende. Daardoor vindt er soms te laat een tandheelkundige behandeling plaats, hetgeen op haar beurt op de levenslange tandheelkundige zorg een negatieve invloed heeft.
Het is belangrijk dat:
- ouders / begeleiders met hun kind van jongs af aan naar de tandarts en de mondhygiëniste gaan. Het is van belang dat hun kind ondanks de vaak moeilijke omstandigheden tandheelkundige zorg op maat krijgt. Het leren kennen van elkaar hoort daar bij.
- ouders van kinderen met een verstandelijke beperking een oriënterend gesprek hebben met de Tandarts Gehandicaptenzorg over de mogelijkheden van preventieve zorg voor hun kind. Het beste is dit gesprek vóór de tiende maand, dus in de tijd dat de eerste tanden doorkomen.
|